
In ons eerdere artikel hebben we uitgelegd wat DAC6 is en waarom deze Europese richtlijn belangrijk is voor (hulp)intermediairs en belastingplichtigen. Nu richten we ons op de praktische implementatie van DAC6. Hoe bepaalt u of een grensoverschrijdende constructie meldingsplichtig is? En wat zijn de gevolgen van het niet tijdig rapporteren?
De praktische implementatie van DAC6
DAC6 vereist dat grensoverschrijdende constructies met specifieke wezenkenmerken (zogenaamde hallmarks) worden gemeld bij de belastingdienst. Dit lijkt misschien rechttoe rechtaan, maar in de praktijk is het een complexe en tijdgevoelige verplichting.
Vanaf 1 januari 2021 moeten alle meldingsplichtige constructies binnen 30 dagen worden gerapporteerd (later meer over deze termijn). Bovendien gold er een retroactieve meldingsplicht voor constructies die tussen 25 juni 2018 en 1 juli 2020 zijn geïmplementeerd. Deze moesten uiterlijk op 28 februari 2021 worden gemeld.
Het niet naleven van deze verplichtingen kan leiden tot aanzienlijke boetes tot € 1.030.000 (2025) en reputatieschade. Daarom is het essentieel om een gestructureerde aanpak te hanteren. De analyse van een transactie/constructie vereist een nauwkeurige aanpak door middel van een stappenplan.
Stap 1: Is er een grensoverschrijdende constructie?
Een grensoverschrijdende constructie is elke transactie of reeks transacties waarbij meerdere rechtsgebieden betrokken zijn. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn als:
- Niet alle deelnemers fiscaal inwoner zijn van dezelfde jurisdictie.
- Een deelnemer een dubbele fiscale woonplaats heeft.
- Een deelnemer een vaste inrichting in een ander land heeft.
- De constructie invloed heeft op de automatische gegevensuitwisseling of de identificatie van de uiteindelijk belanghebbende (UBO).
Stap 2: Is de constructie meldingsplichtig?
Niet elke grensoverschrijdende constructie is automatisch meldingsplichtig en moet worden gemeld. Teveel melden is niet toegestaan. Of een grensoverschrijdende constructie meldingsplichtig is hangt af van de aanwezigheid van bepaalde wezenkenmerken. Deze zijn onderverdeeld in vijf categorieën (A t/m E), waarvan sommige alleen van toepassing zijn als de main benefit test wordt voldaan.
De main benefit test stelt dat een constructie meldingsplichtig is als het verkrijgen van een belastingvoordeel een van de belangrijkste voordelen is (hierover meer in deze blog). Dit vereist een zorgvuldige analyse van de feiten en omstandigheden rondom de transactie.
In volgende blogs gaan wij in op de meest voorkomende wezenkenmerken.
Dit vereist een zorgvuldige analyse van de feiten en omstandigheden rondom de transactie.
In volgende blogs gaan wij in op de meest voorkomende wezenkenmerken B, C en E.
Wat te rapporteren?
De informatie die door intermediairs en belastingplichtigen aan de Nederlandse belastingautoriteiten moet worden gerapporteerd, omvat onder andere de volgende gegevens, waar van toepassing:
- Identificatie van de intermediairs en relevante belastingplichtigen;
- Details van de relevante wezenkenmerken;
- Samenvatting van de inhoud van de regeling;
- Datum van de eerste stap in de implementatie;
- Gegevens van de nationale bepalingen die de basis van de regeling vormen;
- Waarde van de regeling;
- Lidstaten die betrokken zijn bij de regeling; en
- Identificatie van andere lidstaten die waarschijnlijk door de regeling worden beïnvloed.
Een uitgebreide handleiding in dit kader is te vinden op de website van de Belastingdienst. Indien meerdere wezenkenmerken van toepassing zijn, moeten zij allemaal worden gerapporteerd aan de Nederlandse belastingautoriteiten.
In welk land te rapporteren
Indien er een melding moet worden gedaan volgt de vraag waar deze gedaan moet worden. Om dat het grensoverschrijdende constructies zijn, zijn er altijd meerdere landen betrokken. Melding dient dus te gebeuren in Nederland, of het andere land (of landen) waar de transactie plaatsvindt.
Rapporteren in Nederland
Alleen intermediairs die een bepaalde ‘nexus’ met Nederland hebben, zijn verplicht om in Nederland te rapporteren. Buitenlandse intermediairs zonder een dergelijke nexus hebben geen meldingsplicht onder de Nederlandse DAC6-wetgeving. Om een nexus te hebben, moet de intermediair:
- fiscaal inwoner zijn in Nederland;
- een vaste inrichting in Nederland hebben van waaruit de diensten met betrekking tot de meldingsplichtige grensoverschrijdende regelingen worden verleend;
- in Nederland zijn opgericht of onder Nederlands recht vallen; of
- geregistreerd zijn bij een Nederlandse beroepsorganisatie op het gebied van juridische, fiscale of adviesdiensten.
Rapporteren door intermediairs bij meer dan één lidstaat
Indien een intermediair meldingsplichtig is in één lidstaat, wordt in die lidstaat gemeld. Wanneer een intermediair meldingsplichtig is in meer dan één lidstaat, moet de informatie enkel worden ingediend bij de bevoegde autoriteiten in één lidstaat. De volgorde van lidstaten waarin gerapporteerd moet worden, is als volgt:
- de lidstaat waar de intermediair fiscaal woonachtig is;
- de lidstaat waar de intermediair een vaste inrichting heeft vanuit waar de diensten met betrekking tot de regeling worden verleend;
- de lidstaat waar de intermediair is opgericht of wordt beheerst door de wetgeving van die lidstaat; of
- de lidstaat waar de intermediair is geregistreerd bij een beroepsvereniging voor juridische, fiscale of adviesdiensten.
Indien er meerdere meldingsverplichtingen zijn, is de intermediair vrijgesteld van het rapporteren in een andere lidstaat als hij kan aantonen, conform de nationale wetgeving, dat dezelfde informatie in een andere lidstaat is ingediend. Om dit te bewijzen, is het belangrijk om te weten wat het meldnummer is van de melding in de andere lidstaat.
Melding door belastingplichtigen bij meer dan één lidstaat
Een soortgelijke regeling geldt voor belastingplichtigen. Wanneer er een meldingsplicht is in meerdere lidstaten, moet de informatie enkel worden ingediend bij de bevoegde autoriteiten in de lidstaat waar de belastingplichtige (in volgorde):
- fiscaal inwoner is;
- een vaste inrichting heeft die profiteert van de regeling;
- inkomen ontvangt of winst genereert zonder fiscaal resident te zijn of een vaste inrichting te hebben; of
- een activiteit uitoefent.
Ook in dit geval kan de belastingplichtige vrijgesteld worden van het rapporteren in een lidstaat als er bewijs is dat de informatie in een andere lidstaat is ingediend.
Wanneer rapporteren: de 30-dagentermijn van DAC6
Op grond van DAC6 moeten intermediairs of belastingplichtigen binnen 30 dagen informatie verstrekken over meldingsplichtige grensoverschrijdende regelingen, zowel op de markt gerichte als op maat gemaakte regelingen. De termijn van 30 dagen begint op de vroegste van de volgende dagen:
- De dag na de beschikbaarstelling van de regeling voor implementatie;
- De dag na het gereed zijn van de regeling voor implementatie; of
- De dag waarop de eerste stap in de implementatie is gezet.
Een meldingsplichtige grensoverschrijdende regeling wordt als “klaar voor implementatie” beschouwd wanneer de regeling is ontworpen voor een specifieke belastingplichtige en zonder significante aanpassingen door deze belastingplichtige kan worden uitgevoerd. Dit betekent dat ook regelingen die voor een specifieke belastingplichtige zijn bedoeld, maar uiteindelijk niet worden doorgevoerd, alsnog gemeld moeten worden. Volgens het Besluit is een regeling in ieder geval “klaar voor implementatie” wanneer de adviseur zijn diensten heeft voltooid en advies heeft geleverd aan de belastingplichtige, zelfs als het advies slechts een concept is, mits het redelijkerwijs kan worden aangenomen dat de regeling zonder wezenlijke wijzigingen kan worden uitgevoerd.
In eerste instantie ligt verantwoordelijkheid voor de indiening van DAC6-meldingen bij intermediairs zoals belastingadviseurs, accountants, notarissen of advocaten.
Als een intermediair vrijgesteld is van meldingsplicht vanwege een beroepsgeheim, begint de meldingsplicht van de belastingplichtige op de dag dat de belastingplichtige door de intermediair wordt geïnformeerd.
Hoe kunnen wij u helpen?
Bij ons bent u verzekerd van deskundige begeleiding om te voldoen aan DAC6. Wij bieden:
- Analyse van grensoverschrijdende constructies: Wij beoordelen of uw transacties meldingsplichtig zijn en geven u gericht advies;
- Assistentie bij tijdig melden: Hoewel de meldplicht bij u als (hulp)intermediair of belastingplichtige ligt, ondersteunen wij u met een nauwkeurige en tijdige voorbereiding;
- Formulering van pleitbare standpunten: Wij helpen u bij het vormen van een pleitbaar standpunt indien een constructie niet gemeld hoeft te worden. Een dergelijk pleitbaar standpunt kan beboeting voorkomen.
Plan een adviesgesprek
Wilt u weten of uw constructies meldingsplichtig zijn of heeft u hulp nodig bij het voldoen aan DAC6? Neem vrijblijvend contact met ons op. DTS staat klaar om u te ondersteunen bij elke stap van het proces, van analyse tot rapportage.


